Fotograferen in de Natuur

rust leren vinden voor natuurfoto's met een wow-gevoel
fotograferen in de natuur

Ik kreeg een vraag van Chris over welke lens je het beste kunt gebruiken voor het maken van landschapsfoto’s. En of je dan het beste overzichtsfoto’s maakt of detailfoto’s?

De keuze welke foto’s jij wilt maken, ligt natuurlijk bij jezelf. In dit artikel ga ik in op waarom je voor de ene of de andere lens kiest. En wat voor een effect dat heeft op je foto’s.

 

Bij het maken van landschapsfoto’s denk je meestal aan weidse en grootse landschappen. Voor dit soort foto’s maak je gebruik van een groothoeklens.

Een groothoeklens laat meer in beeld zien, dan de hoek die je met je eigen ogen kunt zien. Voor full-frame camera’s komt dit neer op een brandpuntsafstand van bijvoorbeeld 24-35 mm, of eventueel zelfs nog wijder.

De meeste spiegelreflexcamera’s hebben echter een kleinere sensor, waardoor je rekening moet houden met een “crop factor” van ± 1,5 x. Voor deze camera’s moet je de brandpuntsafstand die op de lens staat met 1,5 vermenigvuldigen. Dus stel je de lens in op ongeveer 18-24 mm.

 

ToineWesten_20130507__DSC6633
De instellingen voor deze foto waren: 24 mm, f/18, 1/160 s, ISO 200, gemaakt in Zwitserland.

 

Wil je je foto’s meer natuurgetrouw laten overkomen, dan kun je kiezen voor een standaardlens. Een dergelijk objectief laat ongeveer evenveel zien, als je zelf ziet. Bij full-frame ligt dit rond de 50 mm. En voor crop-camera’s rond de 30 mm.

 

ToineWesten_20150509__DSC4097
48 mm, f/16, 1/10 s (vanaf statief), ISO 100, gefotografeerd in Kroatië.

 

Maar het kan juist ook heel verrassend zijn om een detail uit het landschap te kiezen en in beeld te brengen. Hierbij kun je kiezen voor een telelens of eventueel een macrolens.

Een telelens heeft een brandpuntsafstand van 70 mm of meer bij een full-frame camera. Of groter dan 50 mm bij een crop-camera. Je zoomt hiermee in op een bepaald onderwerp, doordat de beeldhoek kleiner is dan wat je met je eigen ogen ziet.

Hiermee kun je zowel grotere als kleinere details uit het landschap isoleren en aandacht geven. Hoe groter de brandpuntsafstand, dus hoe hoger het getal, des te verder je inzoomt op je onderwerp.

 

ToineWesten_20141106__DSC9354
200 mm, f/11, 1/20 s (vanaf statief), ISO 100, gemaakt in IJsland.

 

Macrolenzen bestaan met verschillende brandpuntsafstanden. Wat ze met elkaar gemeen hebben, is dat ze kunnen scherpstellen op iets dat heel dichtbij is. Waardoor je onderwerpen in beeld kunt brengen, die met andere lenzen niet scherp afgebeeld kunnen worden op dat formaat.

Veel zoomlenzen hebben een bereik dat varieert van een groothoeklens tot een (lichte) telelens. Bijvoorbeeld 24-70 mm of 18-105 mm. Zulke lenzen bieden veel flexibiliteit bij het fotograferen.

Heb jij een favoriete lens? Laat dan hieronder even weten welke lens het is en waarom je die zo fijn vindt.